Adres: Fazantendrift 10
8309 AM Tollebeek
Aanvang dienst: Zondagmorgen 9:30
Beginpagina » Gemeente Info » Geschiedenis

Geschiedenis

Geschiedenis van de Protestantse Gemeente te Tollebeek

Voorgeschiedenis
Het eerste kerkelijke leven in Tollebeek werd georganiseerd door een commissie, bestaande uit de heren V.d. Brink, V.d. Woerd, Schiltstra en Westendorp. Zij namen het initiatief en vroegen mensen om mee te werken aan de opbouw van de kerk in Tollebeek. De eerste kerkdiensten werden gehouden in de barakken van kamp Tollebeek, aan de Zuidwesterringweg. De ingang van het kamp is nog te zien, ongeveer tussen de ijsbaan en de tennisbaan. Sommige barakken werden bewoond, andere werden gebruikt voor de school, gymnastiek en andere gemeenschappelijke activiteiten.
De eerste protestantse voorganger was de heer Klomp. Hij was godsdienstleraar en woonde met zijn vrouw in één van de barakken. Het “vliegend evangelie”, werd de heer Klomp genoemd.

Het eerste hervormde leven in Tollebeek
In de zomer van 1957 kwamen er nieuwe pachters, er werden huizen gebouwd en zo liep het “kampstraatje” leeg. Er werd een wijkkerkenraad gekozen en de wijkgemeente Nagele-Tollebeek, behorende tot de Hervormde Gemeente Noordoostpolder, werd gesticht.
De zelfstandige wijkkerkenraad kwam voor het eerst bijeen op 18 december 1957 ten huize van de familie Schuringa en bestond uit de ouderlingen Naaktgeboren, Schuringa en Van Hulzen, terwijl de heer Van der Linde ouderling-kerkvoogd en de heer Bearda diaken werd. Op deze vergadering had men ook reeds het oog laten vallen op een eigen voorganger, vicaris Krajenbrink, welke op 20 december Nagele en Tollebeek bezocht voor een kennismaking. Er werd een beroep uitgebracht, Krajenbrink nam het aan en werd op zondag 24 mei 1958 bevestigd als eerste dominee van de wijkgemeente Nagele-Tollebeek Hij ging met zijn gezin in Nagele wonen. In de beginperiode ging de dominee op een bromfiets door de gemeente, maar in april 1959 kreeg hij een auto. Hij hield z’n schaapjes goed bij elkaar, want als hij iemand een paar keer niet in de kerk had gezien, stond hij al gauw op de stoep om te vragen of er wat was.
De eerste koster was de heer Kok, zijn salaris bedroeg vier gulden in de week. Dat vond hij wel wat weinig en daarom deelde hij de kerkenraad mee dat deze maar naar een ander moest omzien. De mannenbroeders vonden het ook niet veel, maar deelden de koster mee dat met wat liefde en offerzin dit toch wel te doen moest zijn. En de heer Kok bleef kosteren, voor hetzelfde geld.
Het kerken in de barak had ook z’n charme. Het bouwsel had z’n beste tijd gehad en was niet meer in zo’n goede staat. De winter van 1962-63 was erg koud. Om het warm te krijgen stond er middenin de kerkzaal, vlak voor de preekstoel, een kolenkachel te branden. Ds. Krajenbrink was een nogal vurige prediker en in combinatie met de warmte van de kachel gutste het zweet dan al snel van zijn gezicht. Op een zondag vroeg hij midden in de preek aan broeder Bearda of er ook een raam open gezet kon worden. Bearda klom op een stoel en probeerde het raam open te zetten, maar door de slechte staat van onderhoud viel het hele raam op de grond. Enfin, toen was er frisse lucht genoeg.
Ook het orgeltje in de barak was een bron van zorg. De heer Van Vliet, hoofd van de school met de bijbel, was de eerste organist. Hij vroeg regelmatig om reparatie van het orgeltje of om vervanging, want het piepte en kraakte aan alle kanten. Volgens de eerste scriba, de heer Van Hulzen “huisden de muizen in het pierement”. Men wist toen al dat het kerken in de barak een tijdelijke zaak was en er is daar nooit een ander orgel gekomen.

De eerste jaren van de gereformeerden
Laten wij nu de blik richten op de gereformeerden. Terwijl de hervormden vanaf het begin een afzonderlijke wijkkerkenraad te Tollebeek hadden en in het eigen dorp kerkten, waren de gereformeerden ingedeeld bij de kerk van Creil-Espel. De gereformeerde broeders en zusters gingen dan ook aanvankelijk met auto’s van de familie Loosman ter kerke in de Kerkzaal van Kamp Espel. Toen het aantal gezinnen te groot werd, ging men met busjes. Nog later werd er een gewone bus gehuurd en zo ging het gehele gezelschap naar het buurdorp. Vanaf 1 mei 1960 kozen ook de gereformeerden voor het beleggen van diensten in de barak in Tollebeek. Het reizen naar Espel was toen verleden tijd. Gereformeerd en hervormd hielden hun diensten wel afzonderlijk na elkaar. Het kwam letterlijk de atmosfeer in de ruimte niet ten goede. Althans, de hervormde kerkenraadsvergadering van 6 juni 1961 vermeldt een voorstel om tussen de hervormde en gereformeerde diensten een ventilator te laten draaien om zo de temperatuur en de lucht enigszins draaglijk te houden. Gelukkig wist men dat dit luchtprobleem opgelost zou zijn, zodra men de barak vaarwel kon zeggen. De voorbereidingen voor een nieuw en gezamenlijk kerkgebouw waren namelijk reeds in volle gang.

De kerkbouw
Het is aan de visie van beide Tollebeekse protestantse kerkgemeenschappen te danken dat er maar één protestantse kerk is gebouwd en niet, zoals in andere dorpen, twee of meer. Dit heeft het latere “samen-op-weg” proces van hervormden en gereformeerden vergemakkelijkt, omdat men toch al samen hetzelfde gebouw deelde. Met voortvarendheid werd door de gereformeerde en hervormde voormannen het werk ter hand genomen. Het waren jonge ondernemers, uit alle delen van het land naar de polder gekomen om een maatschappelijk bestaan op te bouwen. Bij de vraag of zij geschikt waren voor de polder waren zij ook geselecteerd op het punt of zij bereid waren hun tijd en energie beschikbaar te stellen voor kerk en samenleving. Aan zowel de ontwikkeling van het dorp als de opbouw van de kerkelijke gemeente(n) hebben zij hun beste krachten gegeven.
In de vergadering van de hervormde kerkenraad van januari 1958 was er al uitvoerig over de bouw van een kerk gesproken. Men vroeg zich toen af of de bouwkosten niet veel te hoog zouden worden en vreesde dat een eigen kerk voor een kleine gemeente als Tollebeek niet op te brengen zou zijn. Samenwerking tussen hervormden en gereformeerden bracht uitkomst.
Reeds in 1959 werd de eerste conceptovereenkomst inzake gemeenschappelijke kerkbouw opgesteld. De partijen waren het College van kerkvoogden der Hervormde Gemeente “De Noordoostpolder” gevestigd te Emmeloord en de Gereformeerde Kerken te Creil-Espel en te Kraggenburg. Afgesproken werd dat de hervormden voor 90% eigenaar werden en de gereformeerd eerst een aandeel van 10% haden. Zodra de gereformeerde kerk in Tollebeek zelfstandig zou zijn, zouden beide kerken voor 50% eigenaar worden van het kerkgebouw. Dit werd gerealiseerd op 1 februari 1975. Overigens had de overheid een premie gesteld op gezamenlijke kerkbouw. Een enkele geloofsgemeenschap ontving maar 40% subsidie, terwijl samenwerking 60 % overheidsbijdrage opleverde.
De bouwcommissie, die bestond uit de heren Biemond en Haverman van gereformeerde zijde en de hervormden Van Hulst, Geluk, Velthoen en Van der Linde, kwam op 4 maart 1960 voor het eerst bij elkaar onder voorzitterschap van de heer Van Hulst. De architect van de kerk was de heer Elffers. Hij had een heel ambitieus gebouw ontworpen, wat bij nader inzien te duur bleek. Er volgden veel besprekingen om de kosten binnen de perken te houden, maar de architect was moeilijk tot concessies te bewegen. Een bezoek van de architect aan de bouw van de kerk was overigens voor het dorp een belevenis. Hij kwam namelijk in een Bentley met chauffeur in uniform. Dat zag je in Tollebeek niet zo vaak. Als er al auto’s kwamen, dan waren dat meestal “kevers”.

Ingebruikname van de kerk
Na veel vergaderen, wikken en wegen om de schuldenlast te beperken, kon op donderdag 20 december 1962 om half acht ‘s avonds het nieuwe kerkgebouw officieel in gebruik worden genomen. Het gebouw werd overgedragen aan de voorzitters van de beide kerkenraden, de predikanten Krajenbrink en Oosterhof. Helaas kon dit niet met klokgelui plaatsvinden, omdat er “een kink in het klokkenluidtouw is gekomen”. Maar klokgelui was die keer ook niet nodig: de kerk was al zo afgeladen vol, vooral met genodigden van elders, dat sommige eigen gemeenteleden er niet meer in konden en naar huis zijn gegaan.

Gymzaal, toren en orgel
Naast de kerkzaal bevat het protestants kerkcentrum al direct vanaf 1962 een tweede grote ruimte, de gymzaal. Voor de dorpsgemeenschap was hiermee een plek beschikbaar voor scholen en verenigingen om te sporten en voor de kerk betekende de verhuur een welkome aanvulling op hun inkomsten. Al na enkele jaren voldeed de gymzaal echter niet meer aan de normen en moest er aanpassing en uitbreiding komen. In 1980 begonnen daartoe de besprekingen met de gemeente Noordoostpolder en veel vergaderuren later kon op 14 december 1984 de vernieuwde gymzaal en verdere uitbreiding van het gebouw geopend worden. In 2005 werd een klein oppervlak aan de gymfaciliteiten onttrokken voor de totstandkoming van een jeugdhonk van de kerk. Intussen is de gymzaal zelf opnieuw verouderd en voldoet niet meer aan de normen van de overheid. Door de gemeente Noordoostpolder is daarom in 2006 besloten dat Tollebeek binnen enkele jaren op een andere locatie een nieuwe sportzaal/multifunctionele ruimte zal krijgen. Een opluchting voor het dorp, maar ook voor de kerk die daarmee de gelegenheid zal krijgen om de ruimtes van de oude gymzaal te betrekken bij het groeiende aantal kerkelijke activiteiten.
Reeds vanaf de eerste plannen voor het protestants kerkcentrum wordt er in de notulen van de diverse commissies vermeld dat daarbij ook een “dorpstoren” begrepen zal zijn. De burgerlijke gemeente Noordoostpolder bepaalde echter welke toren gebouwd zou worden. Dit werd een toren van staal, wat later qua onderhoud nog de nodige hoofdbrekens kostte. Staal kan immers gaan roesten, en heeft dus regelmatig een verfje nodig. Enkele jaren geleden ontving de kerk een subsidie voor het schilderwerk van de burgerlijke gemeente NOP uit het “torenfonds”. Voor de muzikale begeleiding van de erediensten beschikte de protestantse kerk vanaf 1962 over een pijporgel. Na verloop van tijd moest hier het een en ander aan gebeuren. De vraag was toen: herstellen we de oude toestand of gaan we voor iets geheel anders? Er werd voor beide gekozen. Het bleek mogelijk een modern elektronisch gedeelte in het oude pijporgel in te bouwen en samen te laten klinken. In de lente van 2006 werd de protestantse gemeente daarmee de trotse bezitter van het eerste “hybride” kerkorgel van Nederland. Mede vanwege de goede akoestiek van onze kerkzaal is het geluid van dit vernieuwde orgel een waar genoegen om naar te luisteren. Een actieve commissie organiseert nu concerten met gerenommeerde musici.

Verzelfstandiging van gereformeerd en hervormd
Terug naar het kerkelijk leven van de protestantse gemeente. Rond 1963 bepaalde de gereformeerde classis (regionale kerkvergadering) dat Nagele de gereformeerde Tollebekers over zou nemen van de kerk van Creil-Espel. De eerste aparte gereformeerde wijkkerkenraadsvergadering in Tollebeek vond plaats op 9 februari 1965. Praeses was ds. De Heer. De scriba was de heer Jongsma. Gereformeerd Tollebeek bleef echter op dat moment nog onderdeel van de kerk van Nagele en men sprak af dat de kerkenraden van beide dorpen eens in de drie maanden gezamenlijk zouden vergaderen. Op 23 augustus 1970 werd de gereformeerde kerk van Tollebeek geheel zelfstandig, hoewel zij haar predikant, op dat moment ds. J.D. Heynen, met Nagele bleef delen. De hervormden van Tollebeek vielen ondertussen nog steeds onder de centrale Hervormde Gemeente Noordoostpolder, die het hele hervormde leven van de polder omvatte. Pas met de ontbinding van de centrale kerkenraad op 1 januari 1988 ontstond de zelfstandige hervormde gemeente Tollebeek.

Het Samen-op-Weg proces
Het kon niet uitblijven. Op een dag staken vier gemeenteleden - jawel: twee hervormden en twee gereformeerden - de koppen bij elkaar en vroegen zich af er misschien meer samen kon gebeuren dan het gemeenschappelijk gebruiken van het kerkgebouw. Daar lag het begin van de verdere samenwerking. Men kreeg het voor elkaar dat er een gezamenlijke kerstnachtdienst werd gehouden. De eerste in protestants Tollebeek en de eerste kerkdienst die samen werd gevierd. Het was mooi en het smaakte naar meer, alleen stuitte men op allerlei praktische bezwaren, bijv. “hoe moesten de collecte’s worden verdeeld?” Ook de centrale hervormde kerkenraad in Emmeloord had nog een vinger in de pap en hield sommige dingen tegen. Eén keer in de maand een gezamenlijke avonddienst was voorlopig het hoogst haalbare.
Het proces om tot samenwerking te komen heeft nog een aantal jaren geduurd, maar ook dat waren voor beide groepen zeer leerzame jaren. Op 20 september 1992 was het dan zo ver dat de gemeentes gingen fuseren in “de federatie Samen op Weg gemeente Tollebeek”. De eerste voorganger voor de SOW gemeente Tollebeek was ds. J.W. Overvliet. Hij was al predikant van de gereformeerden van Nagele en Tollebeek en kreeg er zo de hervormde Tollebekers bij.
Op 20 februari 2000 deed Ds. P.I.(Paulien) Matze haar intrede. Zij woonde temidden van de dorpelingen en werd daardoor een echte dorpsdominee. Tijdens haar predikantschap zijn er veel nieuwe dingen in gang gezet o.a. zaken rond de liturgie. Na ruim vier jaar vertrok ze met haar gezin naar Bolivia, om daar haar werk voort te zetten.
Op 1 mei 2004 werd het landelijk samengaan gevierd en met Pinksteren 2005 werd er een prachtig bord bij de ingang van de kerk met het opschrift Protestantse Gemeente Tollebeek onthuld. Dit is het symbool dat Tollebeek er trots op mag zijn dat zij de tweede gemeente in de NOP was die officieel de federatiefase achter zich had gelaten en geheel gefuseerd zich mocht laten registreren bij de PKN (Protestantse Kerk in Nederland) als protestantse gemeente.
Ds. T.J.S. (Theo) van Staalduine is de eerste predikant die op 6 maart 2006 zijn intrede deed bij de Protestantse Gemeente te Tollebeek.
De protestanten van Tollebeek beschikken thans over een bloeiende, zich nog steeds uitbreidende gemeente met, per 1 januari 2006, 607 leden (doop- en belijdend) en een eigen parttime (2/3) predikant.

Bijlage: predikantenlijst

Hervormd (Nagele en Tollebeek)
Ds. J.C. Krajenbrink, 24 mei 1959 tot 31 mei 1964
Ds. R. Heusinkveld, 8 januari 1966 tot juni 1970
Ds. L.J. Prins, 16 april 1972 tot 8 mei 1977
Ds. H.C. van der Meulen, 9 juli 1978 tot mei 1984
Ds. C.G. Graafland, 29 juni 1986 tot 1 sept. 1991

Gereformeerd (eerst Creil-Espel, vervolgens Nagele en Tollebeek)
Ds. B. Oosterhof (Creil-Espel), 12 mei 1957, vertrokken per 1 april 1964
Ds. G.W. de Jong (Nagele-Tollebeek), 19 mei 1957, emeritus 1 februari 1964
Ds. D. de Heer, 14 juni 1964 tot juni 1967
Ds. J.D. Heynen, 5 oktober 1969, emeritus 31 maart 1975
Ds. H.A. Marsman, 8 januari 1978 tot juni 1982
Ds. H.T. Wolters en mevr. ds. C. Wolters-Berghout, 13 maart 1983 tot 11 mei 1988
Ds. J.W. Overvliet en mevr. ds. N.Th. Overvliet-van der Veen, 17 december 1989 tot 31 oktober 1994

Samen op Weg/protestants
ds. J.W. Overvliet (gereformeerd), 20 september 1992 tot 31 oktober 1994
ds. H.M. van Schoonhoven-Van ’t Kruis (hervormd), 15 september 1996 tot in 1997
Mevr. ds. P.I (Paulien) Matze (hervormd), 20 februari 2000 tot mei 2004
ds. T.J.S. (Theo) van Staalduine (gereformeerd), 6 maart 2005-heden